Bronnen van de Antwerpse geschiedenis

Website: Maarten van Rossum

Hieronder staat het overzicht van alle gebruikte citaten uit deze bron. Om meer te weten te komen over de andere bronnen voor één gebeurtenis, kan je op de naam naast het blauwe icoon klikken.

Uitgeverij: Wikipedia

Website: https://nl.wikipedia.org/wiki/Maarten_van_Rossum

Citaten

circa 1478

Maarten van Rossum (ook Marten van Rossum en Marten van Rossem genoemd; Zaltbommel, ca.1478 – Antwerpen, 7 juni 1555) was een Gelderse legeraanvoerder, die buiten zijn vaderland zeer werd gevreesd voor de nietsontziende manier waarop hij oorlog voerde. In een lange carrière bracht hij zijn lijfspreuk "Blaken en branden is het sieraad van de oorlog" veelvuldig in de praktijk. Zijn manier van oorlogvoeren is goed te vergelijken met die van zijn Italiaanse collega's de condottieri en kenmerkte zich door guerrilla-achtige tactieken, waarbij de burgerbevolking nog minder dan in zijn tijd gewoon was werd ontzien.

Zijn ouders, Johan van Rossum, heer van Rossum, en Johanna van Hemert trouwden vermoedelijk vóór 1478. Zij behoorden tot de lagere adel in de Bommelerwaard. Hij had een zuster, Margaretha van Rossem, die getrouwd was met een van Isendoorn. Van Rossum zou zelf geen wettelijke kinderen nalaten. Zijn uit het huwelijk van zijn zuster geboren neef Hendrik van Isendoorn zou zijn erfgenaam worden.

Na de dood van de hertog zwoer Van Rossum trouw aan opvolger Willem V van Kleef. In de derde en laatste fase van de Gelderse oorlogen leidde Van Rossum in een bondgenootschap van het hertogdom Gelre met met de koningen van Frankrijk (Frans I) en Denemarken (Christiaan III van Denemarken) een serieuze veldtocht tegen de Habsburgers. Het kwam tot een aanval op Brabant, het toenmalige kernland van de Nederlanden van Karel V en Maria van Hongarije. Van Rossum verzamelde daarvoor een legermacht van ruim 15.000 man in het zuiden van Gelderland. Op 15 juli 1542 werd de oorlog verklaard. Vervolgens trok hij Brabant binnen, waar hij een groot deel van het platteland platbrandde.

Van Rossum was aanvankelijk van plan geweest om bij Maastricht de Maas over te steken om vandaar via Leuven naar het westen te trekken. Deze plannen vielen echter in handen van Maria van Hongarije. Hierdoor werd de Geldersen gedwongen om de Maas bij Maastricht over te steken. Plunderend en brandschattend trokken de Geldersen door De Peel. Op weg naar het zuiden plunderde hij het toenmalige Rode (tegenwoordig Sint-Oedenrode). Daarbij werd de parochiekerk niet ontzien. Daarna werd het dorp platgebrand. Na de vruchteloze belegeringen van Lier en Leuven trokken de Geldersen verder naar Antwerpen.

Eenmaal in Antwerpen aangekomen belegerde van Rossum deze stad. In een veldslag voor de poorten van Antwerpen, in de buurt van het huidige Brasschaat versloeg hij een leger onder aanvoering van René van Chalon, de toenmalige prins van Oranje. Daarbij vielen aan Habsburgse kant ongeveer 2000 slachtoffers. Van Rossum had zijn infanterie achter zijn "Zwarte ruiters" opgesteld. Dat werd door de Habsburgers niet opgemerkt, waardoor zij overmoedig de aanval inzetten op Van Rossums cavalerie. Voor en na zijn overwinning brandde van Rossum de omgeving van Antwerpen en Leuven geheel plat. Daardoor bleef, volgens tijdgenoten, de omgeving van Antwerpen gedurende de hele 16e eeuw een landelijk karakter houden, in tegenstelling tot vorige eeuwen. Van Rossum slaagde er echter niet in om de grote steden Antwerpen en Leuven daadwerkelijk in te nemen. Een aanval op de muren van Antwerpen werd afgeslagen.

circa 07 juni 1555

In het voorjaar van 1555 werd Maarten ziek, mogelijk raakte hij besmet met de pest of de tyfus. Hij bevond zich in de vesting Charlemont in het stadje Givet, in de Ardennen. Op 7 juni 1555 overleed Maarten van Rossum in Antwerpen, waar hij heen was gebracht voor de beste medische behandeling. Zijn lichaam werd overgebracht naar Rossum en werd daar in de kerk begraven. Hij had er een marmeren tombe laten maken.

© nizrab .::. laatste update 2017-06-28