Bronnen van de Antwerpse geschiedenis

Website: Historische binnenstad

Hieronder staat het overzicht van alle gebruikte citaten uit deze bron. Om meer te weten te komen over de andere bronnen voor één gebeurtenis, kan je op de naam naast het blauwe icoon klikken.

Uitgeverij: Onroerend Erfgoed

Website: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/120641

Citaten

circa -12500

Het gebied dat Antwerpen heeft voortgebracht, wordt westwaarts begrensd door de Schelde, noord-, oost- en zuidwestwaarts door Schijn en Potvliet. Laatst genoemden waren omringd door moerassig houtland. Deze zone was bereikbaar via de Schelde-oever en landinwaarts via de oost-west gerichte landrug op de lijn Oude Beurs, Wolstraat, Kipdorp en Borgerhoutse steenweg, verstevigd met water- en landdijken. Het kerngebied nabij de oever werd beheerst door een grote landrug die westwaarts de Schelde inliep - de zogenaamde Werf - en waartegen de stroom noordwaarts zand zou aanwerpen; zie de toponiemen Bloedberg en Guldenberg. Zuidwaarts van de grote landrug - nu ter hoogte van het Willem Ogierplein - was een tweede werpland of "Zand", namelijk tegen de "Hoog"-straat aan. Als tussenliggende laagten hadden we: de Holen- of Koolvliet, de zonk waar later de Suikerrui zou uitgediept worden en de Sint-Jansvliet. Meer Zuidwaarts, namelijk beneden de hoogvlakte van Kronenburg lag de laagte van Kiel (zie kil). De drassige weidelanden van Falcon en Dries waren uitlopers van de Schijnvallei.