Bronnen van de Antwerpse geschiedenis

Website: Hertogdom Brabant

Hieronder staat het overzicht van alle gebruikte citaten uit deze bron. Om meer te weten te komen over de andere bronnen voor één gebeurtenis, kan je op de naam naast het blauwe icoon klikken.

Uitgeverij: Wikipedia

Website: https://nl.wikipedia.org/wiki/Hertogdom_Brabant

Citaten

Het hertogdom Brabant stamt af van het graafschap Leuven en het geslacht Reiniers met als stamvader Giselbert I van Maasgouw (825-885), een belangrijke adellijke familie die streed om de macht in het hertogdom Lotharingen. Nadat Reinier III van Henegouwen verslagen werd in zijn ambitie hertog van Lotharingen te worden en werd verbannen, slaagde zijn zoon Lambert I van Leuven (950-1015) samen met zijn broer Reinier IV de bezittingen te heroveren en werd door Keizer Otto II als eerste graaf van Leuven aangesteld. Zijn broer werd graaf van Bergen.

Het hertogdom Brabant ontstond uit de vereniging van verscheidene graafschappen en voogdijgebieden: enkele marken die in 1106 verworven werden door Godfried I van Leuven als hertogelijke ambtslenen: het markgraafschap Antwerpen met de steden 's-Hertogenbosch en Breda. Met het toekennen van de hertogtitel van Neder-Lotharingen aan Godfried met de Baard (1106) was de territoriale omvang vrijwel voltooid. De formele oprichting van het hertogdom Brabant volgt pas in 1183/1184, met de verheffing van het landgraafschap Brabant (tussen Dender en Zenne) tot hertogdom ten gunste van Hendrik I van Brabant.

[...] In 1106 kreeg Godfried van Leuven (Godfried met den baard) na het verwerven van Antwerpen de hertogelijke waardigheid over Neder-Lotharingen en werd tegelijk markgraaf van Antwerpen en landgraaf van Brabant, een leen van de Duitse keizer Hendrik V.

Pas na 1183 (inmiddels had ook de verwerving van het graafschap Aarschot plaatsgehad) werd het landgraafschap Brabant zelf een hertogdom onder Hendrik I van Brabant. Zijn vader Godfried, hertog van Neder-Lotharingen, onderscheidde zich bij de verdediging van de stad Jeruzalem tegen Saladin. Als beloning verhief Keizer Frederik I Barbarossa het landgraafschap tot hertogdom.

In 1190, enkele dagen na de dood van Godfried III van Leuven werd tijdens een landdag in de abdij Comburg (Schwäbisch Hall) het hertogschap van Neder-Lotharingen gezagsloos verklaard, maar behielden de graven van Leuven het recht om het hertogelijke gezag uit te oefenen enkel binnen de door hun gecontroleerde graafschappen en voogdijgebieden.

Na de dood van Jan III van Brabant in 1355 volgde onder de zwagers van zijn dochters de Brabantse Successieoorlog. Tijdens de Vrede van Aat werd afgesproken dat de oudste dochter, Johanna van Brabant het hertogdom zou erven, maar dat indien zij kinderloos zou sterven het hertogdom zou overgaan naar haar jongere zus Margaretha van Brabant (1323-1380), vrouw van de graaf van Vlaanderen Lodewijk van Male of haar kinderen.

© nizrab .::. laatste update 2017-06-28